Koppeltaal 2.0 Implementation Guide (Full Documentation)
0.15.0 - ci-build
NL
Koppeltaal 2.0 Implementation Guide (Full Documentation) - Local Development build (v0.15.0) built by the FHIR (HL7® FHIR® Standard) Build Tools. See the Directory of published versions
| Page standards status: Draft |
| Datum | Wijziging |
|---|---|
| 2026-01-06 | Verduidelijking transitiefase: twee parallelle paden (legacy/nieuw) met coëxistentie |
| 2026-01-06 | Uitbreiding eindfase: uitfasering backend services en verplichte migratie |
| 2025-12-16 | Verduidelijking: alleen Patient model beproefd bij KoppelMij |
| 2025-12-15 | Initiële versie |
Deze pagina beschrijft het transitieproces van de autorisatiemodellen van Koppeltaal en KoppelMij naar een geharmoniseerd model, zoals beschreven in Optie 3 van de Koppeltaal Domeinen documentatie.
Koppeltaal maakt gebruik van application level autorisatie via SMART on FHIR backend services:
access_token meegegeven, maar deze heeft momenteel de waarde NOOP (no operation)KoppelMij maakt gebruik van user level autorisatie via SMART on FHIR app launch:
access_token representeert daadwerkelijk de autorisatie van de gebruikerHet transitiemodel beschrijft hoe beide autorisatiodellen worden samengevoegd tot een uniform model.
Het transitieproces bestaat uit drie fasen. Let op: de eindfase wordt mogelijk niet bereikt.
In de ontwerpfase worden de autorisatiemodellen ontworpen en gevalideerd:
Modellen vaststellen:
Koppeltaal:
access_token heeft waarde NOOPKoppelMij:
In de transitiefase wordt het geharmoniseerde model gefaseerd ingevoerd. Twee autorisatiemechanismen coëxisteren:
Model vaststelling:
Twee parallelle paden:
┌─────────────────────────────────────────────────────────────────────────┐
│ TRANSITIEFASE │
│ │
│ ┌─────────────────────────────┐ ┌─────────────────────────────┐ │
│ │ SMART on FHIR Backend │ │ SMART on FHIR App Launch │ │
│ │ Services (Legacy) │ │ (Nieuw) │ │
│ ├─────────────────────────────┤ ├─────────────────────────────┤ │
│ │ • Application level │ │ • User level autorisatie │ │
│ │ autorisatie │ │ • Echt access token │ │
│ │ • Datamodel is INFORMATIEF │ │ • Persoonsgebonden toegang │ │
│ │ • Applicatie leidt zelf │ │ • Autorisatie wordt │ │
│ │ autorisaties af op basis │ │ afgedwongen via token │ │
│ │ van context (CareTeam, │ │ │ │
│ │ rollen, etc.) │ │ │ │
│ └─────────────────────────────┘ └─────────────────────────────┘ │
│ │
│ Beide paden zijn geldig - leveranciers kiezen zelf │
└─────────────────────────────────────────────────────────────────────────┘
Pad 1: SMART on FHIR Backend Services (Legacy)
Pad 2: SMART on FHIR App Launch (Nieuw)
NOOP wordt een echt access token dat gebruikersautorisatie representeertCoëxistentie en keuzevrijheid:
Aanbeveling richting eindfase:
In de eindfase is het uniforme autorisatiemodel volledig van kracht:
Uniform autorisatiemodel:
Uitfasering SMART on FHIR Backend Services:
In de eindfase worden SMART on FHIR backend services uitgezet. Dit betekent:
Waarom deze uitfasering?
Verplichte migratie:
┌─────────────────────────────────────────────────────────────────────────┐
│ EINDFASE │
│ │
│ ┌─────────────────────────────┐ ┌─────────────────────────────┐ │
│ │ SMART on FHIR Backend │ │ SMART on FHIR App Launch │ │
│ │ Services │ │ │ │
│ ├─────────────────────────────┤ ├─────────────────────────────┤ │
│ │ │ │ • User level autorisatie │ │
│ │ ❌ UITGEZET │ │ • Echt access token │ │
│ │ │ │ • Persoonsgebonden toegang │ │
│ │ │ │ • ✅ VERPLICHT │ │
│ └─────────────────────────────┘ └─────────────────────────────┘ │
│ │
└─────────────────────────────────────────────────────────────────────────┘
Let op: De snelheid waarmee deze eindfase wordt bereikt is afhankelijk van de voortgang in de transitiefase en kan op dit moment niet worden vastgesteld. Leveranciers worden tijdig geïnformeerd over de planning zodra deze bekend is.